Overpeinzingen uit de advocatenpraktijk…

De afgelopen periode is er politiek veel te doen geweest over de bezuinigingen binnen de rechtspraak. Niet alleen de rechtbanken dienden met minder geld hetzelfde of meer te doen. Ook de vergoedingen voor de gefinancierde rechtshulp stonden onder druk. Met name was er aandacht voor die – foei – advocaten die maar nodeloos procedeerden op kosten van de belastingbetaler.

In dit blog geef ik u een inkijkje in hoe een rechter zelf soms ook het spoor volledig bijster kan zijn…

Het Belang

Rechters hebben echter de politiek helemaal niet nodig en zijn uitstekend in staat om partijen en hun advocaten erop te wijzen wanneer het belang waarover wordt geprocedeerd een langdurige en kostbare procedure niet rechtvaardigt.

Dit gebeurde onder meer bij de mevrouw die een kort geding startte om een omgangsregeling met een konijn te krijgen. Maar ook bij het echtpaar dat het in het kader van hun echtscheiding niet kon laten om een hele serie procedures te starten over de meest bizarre futiliteiten.

Rechters zijn er bovendien zeer in bedreven om tijdens mondelinge behandelingen en comparities partijen erop te wijzen dat een schikking wellicht de voorkeur verdient boven een vonnis, gelet op de mogelijke consequenties en het beperkte belang bij doorprocederen in relatie tot de kosten.

Simpeler gezegd:

kijk eens wat het kost om een rechter, een griffier en twee advocaten aan het werk te houden, dat staat in geen verhouding tot het voordeel dat ieder van ieder partij met de procedure denkt te kunnen behalen. Dit beroep op de redelijkheid en het gezonde verstand van partijen werkt in een groot deel van de gevallen.

Spoor bijster

Soms zijn echter ook rechters het spoor volledig bijster en zijn zij niet in staat om zelf na te laten wat zij procespartijen en advocaten verwijten.

Leest u even mee?

Zo was er recentelijk een rechter die tot tweemaal toe tot aan de Centrale Raad van Beroep – de hoogste administratieve rechter – procedeerde omdat zij vond dat het bestuur van haar rechtbank maandelijks € 9,69 te weinig reiskosten vergoedde.

Rechters verdienen ongeveer € 100.000,= per jaar, het is dus volkomen logisch dat je voor 0,001 % van je jaarsalaris tot tweemaal toe tot aan de hoogste rechter procedeert om je gelijk te halen. Die € 100,= per jaar zijn natuurlijk niet op te brengen, dat snapt een kind.

Aan de andere kant staat natuurlijk het bestuur van de rechtbank van de bewuste rechter. Die vond het ook geen probleem om voor dit bedrag tot tweemaal toe tot aan het gaatje te gaan. En te betogen dat het niet redelijk was dat de rechtbank de daadwerkelijke reiskosten van de rechter moest betalen, dit in verband met de administratiekosten.

Dat die administratiekosten, om nog maar te zwijgen van de reiskosten zelf, niet opwegen tot het tot twee keer toe procederen over die kosten, kreeg het bestuur blijkbaar niet bedacht!!

Let wel, in besturen van rechtbanken zitten afgestudeerde en soms zelf gepromoveerde juristen en tegenwoordig ook wel managers. Gezond boerenverstand wordt blijkbaar niet gevraagd.

Ik ken de naam van de rechter niet en dat is maar goed ook. Ik denk niet dat ik van haar nog een beroep op redelijkheid zou accepteren, laat staan een verwijt dat het belang geen procedure rechtvaardigt.

De hele zaak kent overigens één lichtpuntje…….

noch de rechter, nog het rechtbankbestuur maakten gebruik van de diensten van een advocaat. Die kosten zijn dan toch bespaard gebleven. Aan de andere kant; advocaten hadden partijen vooraf waarschijnlijk gewaarschuwd voor het feit dat ze zich onsterfelijk belachelijk zouden maken.

De meeste advocaten snappen namelijk donders goed wanneer een belang het rechtvaardigt om te procederen en wanneer vooral ook niet.