Komt er een recht op thuiswerken?

Sinds de eerste lockdown zijn we op dringend advies van onze premier zo veel mogelijk thuis gaan werken. De regering is tot dit advies overgegaan om het aantal besmettingen met het Covid-19 virus te beperken. In de maatschappij zijn veel verschillende geluiden te horen over het thuiswerken. De een vindt het fantastisch en de ander werkt liever op kantoor. Op dit moment is het zo’n hot item dat twee leden van de Tweede Kamer een wetsvoorstel hebben ingediend met de naam Wet werken waar je wil. Met behulp van dit wetsvoorstel willen de leden bereiken dat het voor werknemers makkelijk moet worden om het thuiswerken af te dwingen. In dit blog sta ik stil bij het recht op thuiswerken. Bestaat er zoiets en kan de werknemer eisen om thuis te werken?

Uitspraak in kort geding

Onlangs deed de Rechtbank Gelderland een uitspraak in kort geding[1] over het verzoek om thuis te mogen werken. De werknemer deed een beroep op de Wet Flexibel Werken om thuis te mogen werken. Deze wet geeft werknemers de bevoegdheid om bij de werkgever een verzoek in te dienen tot arbeidsplaatswijziging. Werkneemster vond dat zij zelf heel goed de regels van de overheid in acht nam, zoals 1,5 meter afstand houden van anderen, maar dat haar collega’s zich daar minder van aantrokken. De werkneemster was van mening dat zij beter en veiliger thuis kon werken. Het verzoek van de werknemer werd afgewezen. De afwijzing volgde omdat de Wet Flexibel Werken niet op haar van toepassing was.

Wat is de wet flexibel werken precies?

De Wet Flexibel Werken is een wet die sinds 2016 in Nederland van toepassing is. De wet regelt dat werknemers een verzoek bij de werkgever kunnen doen tot aanpassing van arbeidsduur, arbeidsplaats en de spreiding van werktijd. De voorwaarden om als werknemer een beroep te kunnen doen op de Wet Flexibel Werken is dat je minimaal 26 weken (een half jaar) bij de huidige werkgever werkzaam moet zijn en het bedrijf moet over minimaal 10 werknemers beschikken. In het eerdergenoemde kort geding ging het om een bedrijf met minder dan 10 werknemers waardoor werkneemster geen beroep kon doen op de wet. Overigens maakte de rechter ook nog duidelijk dat de werkgever voldoende maatregelen had genomen om verspreiding van het virus tegen te gaan.

Dus een werknemer kan een werkgever verzoeken zijn arbeidsduur, arbeidsplaats en de werktijd aan te passen indien:

  • De werknemer een half jaar in dienst is;
  • De werkgever minstens 10 werknemers heeft.

Per verzoek zal de werkgever met de werknemer in overleg moeten. Daarnaast verschilt de toetsing van ieder verzoek.

  • Arbeidsduur à werkgever wijst het verzoek toe, tenzij zwaarwegende bedijfs- of dienstbelangen zich daartegen verzetten;
  • Werktijden à werkgever wijst het verzoek toe, tenzij zwaarwegende bedijfs- of dienstbelangen zich daartegen verzetten;
  • Arbeidsplaats à werkgever overweegt het verzoek en pleegt overleg met de werknemer indien hij het afwijst.

Herkomst

De Wet Flexibel Werken is in Nederland ingevoerd naar een voorbeeld uit de wetgeving van Groot-Brittannië.

De Nederlandse wetgever heeft zich laten inspireren door Groot-Brittannië. In de Memorie van Toelichting bij de wet wordt het volgende gezegd over het doel en de gedachte achter de wet: “Er bestaat een grote behoefte onder werkenden om flexibel te kunnen werken. Uit onderzoeken blijkt dat er bijvoorbeeld in de bouw en de metaalsector behoefte is aan meer zeggenschap over de eigen werktijden. Meer zeggenschap over de werktijden en de mogelijkheid (deels) thuis te werken is een belangrijke voorwaarde voor veel Nederlanders om meer uren te willen werken. Ook uit onderzoek van de Taskforce DeeltijdPlus blijkt dat meer flexibiliteit in het werk een cruciale voorwaarde voor vrouwen is om meer uren te gaan werken. Van de werkende vaders met jonge kinderen wil driekwart gebruikmaken van flexibele werktijden, blijkt uit onderzoek van het ministerie van Jeugd en Gezin. Zij kaarten dit echter niet vaak aan, omdat zij denken toch geen toestemming te krijgen.”[2]

Wetsvoorstel Wet Werken Waar je Wil

In het ingediende wetsvoorstel willen de Tweede Kamerleden het voor de werknemer makkelijker maken om thuiswerken af te dwingen. Dit doen zij door de Wet Flexibel Werken aan te passen. Op dit moment is het nog zo dat een werkgever een verzoek tot thuiswerken in overleg met de werknemer kan afwijzen. Door de wetswijziging is dit zo dadelijk niet meer mogelijk. Dan moet de werkgever het verzoek van de werknemer toewijzen, tenzij zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen zich daartegen verzetten.

Het grootste verschil is hem dus gelegen in de motivatie voor het afwijzen van het verzoek van de werknemer. Het wordt voor een werkgever lastiger om een verzoek tot thuiswerken af te wijzen. Hiermee wordt beoogd een recht op thuiswerken voor werknemers te creëren.

(Let op: Net als de Wet flexibel werken is de initiatiefwet niet van toepassing op werkgevers met minder dan 10 werknemers.)

Het gaat tot op heden om een wetsvoorstel. Of deze daadwerkelijk een wetswijziging tot gevolg gaat hebben is nog even afwachten. We houden je op de hoogte!

[1] Rb. Gelderland 16 juni 2020, ECLI:RBGE:2020:2954.

[2] Kamerstukken II 2010/11, 32889, nr. 3 p. 2

Bekijk hoe we werken

Deel dit verhaal, kies je platform!