Vanaf 1 juli 2021 is de Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen (WBTR) in werking getreden. Deze wet brengt een aantal veranderingen met zich mee voor bestuurders van verenigingen, stichtingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen. In dit artikel neem ik je mee in de aanleiding van de nieuwe wet en de belangrijkste wijzigingen.

Aanleiding Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen

In de WBTR worden de regels voor bestuur en toezicht bij verenigingen, stichtingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen aangevuld, verduidelijkt en zo veel mogelijk in lijn gebracht met de regelingen die nu al gelden voor de BV en de NV. De wet is bedoeld om bestuur en toezicht van verenigingen en stichtingen te verbeteren. De overheid wil met de wet voorkomen dat wanbestuur, onverantwoordelijk financieel beheer, zelfverrijking, misbruik van posities en andere ongewenste activiteiten verenigingen en stichtingen schaden. Helaas blijken zaken als ‘een greep uit de kas’ en ‘vriendjespolitiek’ vaker voor te komen dan velen denken. De wet gaat dat tegen door procedures en verantwoordelijkheden met elkaar te bespreken en vast te leggen. Na de inwerkingtreding van de WBTR gelden dan voor alle rechtspersonen nagenoeg dezelfde regels.

De belangrijkste wijzigingen:

  • Toezicht: Met de WBTR biedt de wet de mogelijkheid (net als bij de BV/NV) om bestuur en toezicht te combineren in één orgaan, een ‘one tier board’. (2:291a/2:37 BW). Ook de Raad van Commissarissen of Raad van Toezicht (2:292a/2:47 BW) heeft voor de vereniging en stichting een wettelijke basis gekregen. Deze mogelijkheid bestond altijd al, maar stond niet expliciet in de wet.

Heeft de vereniging of stichting al een toezichthoudend orgaan óf wens je deze in te stellen, dan zal dit in de statuten opgenomen moeten worden en in overeenstemming moeten worden gebracht met de nieuwe wet. Het instellen van een toezichthoudend orgaan is niet verplicht.

  • Taakvervulling bestuurders: In de wet wordt nu specifiek bepaald dat bestuurders (en commissarissen) zich bij de vervulling van hun taak moeten richten naar het belang van de rechtspersoon en de daarmee verbonden onderneming. Dat stond al in de wet voor bestuurders (en commissarissen) van een BV en een NV, maar nog niet in de wet voor de vereniging en de stichting.
  • Meervoudig stemrecht: Aan een bestuurder of commissaris kan meer dan één stem worden toegekend in de vergadering, maar die bestuurder/commissaris mag nóóit meer stemmen uit kunnen brengen dan de andere bestuursleden of commissarissen bij elkaar opgeteld. Hij of zij mag dus niet in de gelegenheid zijn alle anderen te ‘overrulen’. Als er bijvoorbeeld 2 bestuursleden zijn dan mag 1 van de 2 bestuurders geen extra stem hebben. Deze bepaling ligt in het verlengde van de eis dat bestuurders en commissarissen zich naar het belang van de rechtspersoon en de met haar verbonden onderneming of organisatie moeten richten.
  • Belet en ontstentenis: De statuten moeten voorschriften geven voor de situatie waarin een bestuurder (of commissaris) tijdelijk afwezig is, bijvoorbeeld door ziekte.
  • Tegenstrijdig belang: Indien een bestuurder of commissaris van een vereniging of stichting bij het nemen van een besluit een persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de rechtspersoon, mag deze bestuurder niet deelnemen aan de besluitvorming. Doet de bestuurder dat wel, dan is het besluit vernietigbaar.

Heb je statuten met een tegenstrijdig belangregeling, die niet overeenkomen met de nieuwe regels? Dan geldt deze oude regeling vanaf 1 juli niet meer. Je hoeft voor deze regeling de statuten in principe niet aan te passen, omdat de nieuwe regels direct en automatisch gelden. Om verwarring te voorkomen, is het raadzaam via de notaris de oude bepaling uit je statuten te halen.

  • Bestuurdersaansprakelijkheid: Door de WBTR zijn bestuurders van een vereniging, stichting, coöperatie en onderlinge waarborgmaatschappij voortaan hoofdelijk aansprakelijk voor het boedeltekort als het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement.

Zorg ervoor dat je als bestuurder een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering afsluit. Als je deze al hebt, check dan even of de ‘uitbreiding van aansprakelijkheid’ onder de lopende verzekering wordt gedekt.

Zorg er ook voor dat je in de statuten duidelijke afspraken vastlegt over aankopen, financiën en besluitvorming, en dat je de taken binnen het bestuur goed verdeelt. Bestuursleden lopen meer risico als deze zaken niet goed vastgelegd zijn.

  • Ontslag bestuurders: Tot slot is in de WBTR opgenomen dat een bestuurder van een vereniging of stichting door de rechter kan worden ontslagen wegens:
  1. Verwaarlozing van zijn taak;
  2. Andere gewichtige redenen;
  3. Ingrijpende wijziging van omstandigheden op grond waarvan het voortduren van het bestuurderschap in redelijkheid niet geduld kan worden;
  4. Het niet of niet behoorlijk voldoen aan een bevel van de voorzieningenrechter (artikel 2:298 lid 1).

Wat nu?

De WBTR treedt met onmiddellijke ingang in werking. Echter, voor de hiernavolgende punten geldt het overgangsrecht.

Op statutaire bepalingen die een van de WBTR afwijkende tegenstrijdig belangregeling bevatten kan na inwerkingtreding van de WBTR geen beroep meer worden gedaan. Vanaf de inwerkingtreding van de WBTR worden deze statutaire regelingen voor niet geschreven gehouden. Een statutenwijziging is hiervoor niet nodig, maar het is wel aan te bevelen de oude regeling over het tegenstrijdig belang uit de statuten te halen om vergissingen te voorkomen.

Verenigingen, stichtingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen die geen belet- en ontstentenisregeling in hun statuten hebben opgenomen, dienen hun statuten bij de eerstvolgende gelegenheid, maar wel uiterlijk binnen 5 jaar, aan te passen.

Een statutaire bepaling die voor inwerkingtreding van de WBTR bepaalt dat een bestuurder of commissaris van een vereniging, stichting, coöperatie of onderlinge waarborgmaatschappij meer stemmen kan uitbrengen dan de andere bestuurders respectievelijk commissarissen tezamen, is geldig tot uiterlijk vijf jaar na inwerkingtreding van de WBTR of tot de eerstvolgende statutenwijziging.

Het is aan te bevelen zo spoedig mogelijk te (laten) beoordelen of statuten vanwege de inwerkingtreding van de WBTR per 1 juli 2021 moeten worden gewijzigd. Daarbij is ook van belang om na te gaan of interne reglementen en procedures aanpassing behoeven.

Dus kom in actie voor het te laat is. Of het nou gaat om juridische ondersteuning, het opstellen van vervolgplannen of om het luchten van je hart: bij Van Zandvoort Legal staat de deur voor je open!

Bel of mail ons gerust met al je vragen over de inwerkingtreding van de WBTR via 0412-649109 of info@zandvoort-legal.nl.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
Neem contact met ons op
Bekijk hoe we werken

Deel dit verhaal, kies je kanaal!